
Al reeds een langere tijd geleden had de scheikunde klas onder leiding van onze geliefde Cappie een practicum. Als dit woord de rillingen over je rug laat lopen, weest niet gevreest, je bent niet de enige. Goed, wegens omstandigheden kon ik er helaas (echt waar! nee echt!... ok, nee dat meen ik niet) niet bij zijn.
Goed het practicum was afgelopen: 'Zeewater, hoe kan ik nou weten hoeveel zeezout er in zeewater zit', 'Hoezo zeezout is anders dan keukenzout? Dat is toch hetzelfde'.
Goed het onderwerp was duidelijk, en uitvoerig besproken.
Helaas dacht ik met mijn slimme hoofd dat ik VAST een ander practicum zou krijgen.
Dus met vast tred begaf ik mij vandaag naar het scheikunde kabinet voor mijn afspraak met de TOA mijnheer Tilders. (Die overigens 20 minuten te laat kwam.... waar hij verder zelf niets over zei..) Ik ontvang mijn opgave papier en warempel! Zeezout , water, zeewater, keukenzout, titreren.. het moet vast en zeker dezelfde zijn geweest. Gelukkig wist ik wel waar ik in mijn BINAS het promilage zeezout in zeewater kon vinden en heb ik een prachtig mengsel zeewater bereid. (Denk ik...Hoop ik...). Wist ik waar ik de samenstelling van zeezout kon vinden en heb ik twee aanzien wekkende suspensies laten ontstaan met ..dingen... En heb ik vervolgens een indirecte terug titratie uitgevoerd (heet dat zo?) en de concentratie chloor-ionen in mijn zeewater mengsel bepaald. Na een omslagpunt van rond de 18 a 16 milliliter thiocyanaat (ofzo) bepaald te hebben.
En nu, duimen voor een goed cijfer. Want tsja, 't is toch wel allemaal voor je eindexamen. (Grr.. ja dat heb ik al vaak genoeg gehoord dit jaar!)
No comments:
Post a Comment